Waarde aandelen bij echtscheiding



Rechtsbronnen

Art. 1401 BW. Eigen zijn, ongeacht het tijdstip van verkrijging :
1. de klederen en voorwerpen voor persoonlijk gebruik;
2. het literaire, artistieke of industriële eigendomsrecht;
3. het recht op herstel van persoonlijke lichamelijke of morele schade;
4. het recht op een pensioen, lijfrente of soortgelijke uitkering, dat een der echtgenoten alleen bezit;
5. de lidmaatschapsrechten verbonden aan gemeenschappelijke aandelen in vennootschappen waarin alle aandelen op naam zijn, indien die toebedeeld zijn aan of ingeschreven zijn op naam van één echtgenoot alleen.


Rechtspraak

  • Artikel 1401.5 van het Burgerlijk Wetboek bevat een eigendomsregeling van de lidmaatschapsrechten verbonden aan gemeenschappelijke aandelen in vennootschappen waarin alle aandelen op naam zijn, indien die toebedeeld zijn aan of ingeschreven zijn op naam van één echtgenoot alleen.

    De waarde van de aandelen moet, in beginsel, worden geraamd op het tijdstip waarop de rechter de overdracht ervan beveelt, aangezien het recht op betaling van de prijs van de aandelen ontstaat op het tijdstip van de eigendomsoverdracht; bij die raming moet de rechter abstractie maken van zowel de omstandigheden die geleid hebben tot de vordering tot overname van de aandelen als van het gedrag van de partijen ten gevolge van de vordering. Dit houdt in dat indien de rechter in concreto vaststelt dat deze omstandigheden of dit gedrag een invloed hebben gehad op de waarde van de aandelen zoals deze vastgesteld wordt op datum van overdracht, hij de invloed hiervan buiten beschouwing dient te laten. Te dien einde is het de rechter ook toegestaan om als peildatum voor de waardering van de prijs een ander tijdstip in aanmerking te nemen.

    Zie ook Cass. 5 oktober 2012, AR C.11.0398.N, AC 2012, nr. 514, met conclusie van advocaat-generaal met opdracht Van Ingelgem.

    20/02/2015 - Hof van Cassatie